Ardea
Official journal of the Netherlands Ornithologists' Union

login


[close window] [previous abstract] [next abstract]

Kersten M., Bruinzeel L.W., Wiersma P. & Piersma T. (1998) Reduced basal metabolic rate of migratory waders wintering in coastal Africa. ARDEA 86 (1): 71-80
Het 'basaalmetabolisme' (Basal Metabolic Rate, afgekort als BMR) is het energieverbruik van slapende dieren die zich onder thermoneutrale omstandigheden bevinden (dat wil zeggen dat ze niet hoeven te rillen om warm te blijven), en die geen voedsel verteren. BMR wordt gebruikt als een maat voor de 'werk-' of 'energie- genererende' capaciteiten van een dier. Eerder onderzoek heeft laten zien dat steltlopers die in de Waddenzee overwinteren een relatief hoog BMR hebben. Dit werd ge´nterpreteerd als een fysiologische aanpassing aan een energetisch 'kostbaar leven'. Estuariene steltlopersoorten komen tenslotte voor op plaatsen waar weer en wind vrij spel hebben en waar het bovendien vaak behoorlijk koud is. Als dit klopt, dan mag worden verwacht dat in West- en Zuid-Afrika, waar de energetische kosten om in leven te blijven waarschijnlijk veellager zijn omdat het er minder waait en het er veel warmer is, het BMR lager is dan in Noordwest-Europa. De hier gepresenteerde metingen aan 16 verschillende soorten steltlopers in Guinee-Bissau en Zuid-Afrika bevestigen deze voorspelling. De allometrische regressielijn van BMR als functie van lichaamsgewicht loopt parallel aan die van de noordelijk overwinterende steltlopers maar is gemiddeld 20% lager. Omdat steltlopers in de tropen minder wegen dan in het noorden, is de totale besparing zelfs 31 %. Er werden geen verschillen gevonden tussen de drie families (scholeksters, plevieren en strandlopers), noch tussen soorten die lange afstanden trekken (en op de toendra broeden) en 'locale' soorten (die in de tropen broeden). Aangezien de toendrabroeders tijdens de doortrek in Europa de gebruikelijke hoge BMR-niveaus hebben, verlagen deze vogels hun BMR kennelijk bij aankomst in de tropen. Dit zou gerealiseerd kunnen worden door de grootte van kostbare organen te verkleinen en door de rustactiviteit van deze organen te verminderen. Vermoedelijk kan door een verhoogde omgevingstemperatuur een verlaagde schildklier (thyroid)-hormoonactiviteit beide processen reguleren. Misschien zijn de relatief lage dagelijkse gewichtstoenames op de Banc d'Arguin voorafgaand aan de trek naar de broedgebieden (zie Ardea 78: 1-364), niet te wijten aan een beperkt voedselaanbod, maar aan de lichaamsbouw van de vogels. Mogelijk kunnen ze er gewoon niet onderuit dat lage schildklier- hormoonspiegels tot een beperkte verteringscapaciteit en geringe gewichtstoename leidt.


[close window] [previous abstract] [next abstract]