Ardea
Official journal of the Netherlands Ornithologists' Union

login


[close window] [previous abstract] [next abstract]

Amo L., Visser M.E. & van Oers K. (2011) Smelling out predators is innate in birds. ARDEA 99 (2): 177-184
Er is weinig onderzoek verricht naar de rol die het ruikvermogen bij vogels speelt om de aanwezigheid van roofdieren vast te stellen. Vooral in het donker zouden vogels er veel baat bij kunnen hebben als ze roofdieren kunnen ruiken. De auteurs onderzochten of Koolmezen Parus major de keuze voor een slaapplaats laten be´nvloeden door de geur van marterachtigen. Tevens werd onderzocht of de reactie op de geur van roofdieren aangeboren is. Ook werd nagegaan of exploratief gedrag (een maat voor de persoonlijkheid van de vogels) hierbij een rol speelt. In de experimenten met Koolmezen die in gevangenschap waren opgegroeid, bestond de keuze uit twee typen slaapplaatsen. Het ene type was een sterk ruikende nestkast die of behandeld was met de geur van marterachtigen of met parfum, het andere een niet-behandelde nestkast. Wanneer een van de twee kasten naar een marter rook, vermeden de mezen beide nestkasten. Parfum daarentegen schrikte de mezen niet af. De conclusie wordt getrokken dat het vermogen om gebruik te maken van de geur van roofdieren aangeboren is. De persoonlijkheid van de mezen speelt hierbij volgens de experimenten geen aantoonbare rol.


[close window] [previous abstract] [next abstract]