Ardea
Official journal of the Netherlands Ornithologists' Union

login


[close window] [previous abstract] [next abstract]

Hogan-Warburg, A.J. (1992) Female choice and the evolution of mating strategies in the Ruff Philomachus pugnax. ARDEA 80 (2): 395-403
Dit artikel komt voort uit het maken van een recensie van het boek over de Kemphaan ("The RuffĒ) van Johan van Rhijn (1991). Het begint als een uitgebreide bespreking van het boek. De auteur verweeft hierin commentaar en eigen interpretaties. Daarna volgen twee afzonderlijke hoofdstukken met haar eigen theorieŽn over partnerkeuze bij de kemphen en de evolutionaire ontwikkeling tot de 'satellietstrategie' van de kemphaan. Het artikel heeft daarom niet de klassieke opbouw. Het hoofdthema van het boek van Van Rhijn is de functie en evolutie van het dimorphisme in het gedrag van de Kemphaan. Er zijn namelijk twee alternatieve paringstrategieŽn van de hanen op de gemeenschappelijke baltsplaats ('lek'). Een haankan zich vestigen als 'honkmannetje' in een eigen territorium ('honk') of als satellietmannetje gebruik maken van de honken van andere. De suggestie is gedaan dat hennen hun (parings-) partner kiezen op de lek na een vergelijking van het gedrag dat iedere haan individueel vertoont, zowel de honkmannetjes als de satellietmannetjes. De hanen op de lek beconcurreren elkaar in het trekken van aandacht van de hennen om er mee te paren. Voor hennen zijn de verschillen van belang die optreden bij het onderbreken van de 'starre omlaaghouding' van de hanen. Honken zijn daardoor meer of minder aantrekkelijk voor hennen. Verder is de variatie in het intolerantieniveau van het honkmannetje ten opzichte van de satellietmannetjes van groot belang. De auteur geeft zelf een overzicht, in volgorde van aantrekkelijkheid voor de hennen, van de diverse type honken. Het meest aantrekkelijke honk bezit een honkmannetje, dat spontaan omhoog kan komen uit de starre omlaaghouding bij een bezoek van een wijfje. Verder is deze haan zeer intolerant tegen satellietmannetjes. Daarna geeft de auteur haar eigen ideeŽn over "appeasement" (of wel het effect van agressieremmend gedrag) dat verantwoordelijk is voor de mogelijke evolutionaire oorsprong van de satellietstrategie van de hanen. Een leidraad hierbij verschaffen de interacties van de onvolwassen "kale kruin kemphanen" (nog zonder kraag en pluimen) met groepen van volwassen hanen en hennen op doortrek naar de zomergebieden in het noorden. De auteur vindt dat Van Rhijn er in zijn boek goed in is geslaagd te laten zien, hoe de verschillende gedragsaspecten in de levensgeschiedenis van de Kemphaan onderling afhankelijk van elkaar zijn voor hun evolutionaire ontwikkeling. Het boek wordt van harte aanbevolen aan wetenschappers als wel aan amateurs met belangstelling voor het gedrag van vogels en de evolutie.


[close window] [previous abstract] [next abstract]